Toelichting aanvraag ontheffing vruchtwisseling 2026

Inleiding

Vanaf 1994 zijn de huidige regels van kracht voor de aardappelteelt ter bestrijding van aardappelmoeheid (AM). De regels zijn gebaseerd op een vruchtwisseling van ten minste 1 op 3 (1:3) zonder nadere eisen te stellen inzake de teelt van AM-resistente rassen. In 2025 mogen op die plaatsen aardappelen worden geteeld waar in 2023 en 2024 geen aardappelen stonden. Een 1:1 of 1:2 teelt is niet toegestaan.

Het AM-beleid gaat uit van een grote eigen verantwoordelijkheid van de teler. De teelt van AM-resistente rassen is niet verplicht. Iedere teler krijgt dus de ruimte om naar eigen inzicht op een verantwoorde wijze met resistente rassen om te gaan. De rotatie-eis alleen is echter niet voldoende om problemen met AM te voorkomen. Door grondonderzoek, een juiste rassenkeuze, ruime vruchtwisseling, in geval van besmetting eventueel aangevuld met grondontsmetting en andere maatregelen (zoals teelt van een lokgewas), kan AM op een goede wijze beheerst worden. Met name een intensieve grondbemonstering is van belang om de besmettingssituatie in het oog te houden en op deze wijze op het eigen bedrijf de vinger aan de pols te kunnen houden.

Op de vruchtwisselingseis van 1:3 zijn een aantal uitzonderingen:

  • Aardappelteelt in het ‘Noordoostelijk zand- en dalgrondgebied’ (m.u.v. NAK-pootaardappelen). Op door de NVWA besmetverklaarde percelen (AM, bruinrot, ringrot, enz.) gelden andere regels. Nadere informatie hierover is te verkrijgen bij de NVWA
  • Deelname aan de vroegrooiregeling (het aanvraagformulier kunt u hier vinden) en
  • Aanvraag voor ontheffing vruchtwisseling.

In deze toelichting wordt nader ingegaan op de ontheffingsmogelijkheden voor het vruchtwisselingsbeleid. Voor de teelt van pootaardappelen wordt nooit een ontheffing verleend. 

Ontheffing aanvragen van de vruchtwisselingsvoorschriften

In bepaalde situaties is het mogelijk ontheffing te verkrijgen van de vruchtwisselingsvoorschriften voor de teelt van consumptie- en zetmeelaardappelen en de teelt van aardappelen als lokgewas.

Bij het aanvragen van een ontheffing dient u met de volgende punten rekening te houden:

  • Een aanvraag dient zo vroeg mogelijk ingediend te worden, bij voorkeur 6 weken vóór de vermoedelijke pootdatum;
  • Aanvragen ingediend na 1 mei 2026 worden niet meer in behandeling genomen, behalve i.v.m. aardappelen als lokgewas;
  • Nimmer wordt ontheffing verleend als aardappelen reeds gepoot blijken te zijn;
  • Een aanvraagformulier kan worden gebruikt voor maximaal één perceel(sgedeelte).

Ontheffingen kunnen worden aangevraagd via het formulier ‘Aanvraag ontheffing vruchtwisselingsvoorschriften aardappelen 2026’. Dit formulier kunt u downloaden van de NAK-website of aanvragen via 0527-635350 of teeltvoorschriften@nak.nl). Het volledig ingevulde aanvraagformulier, inclusief (een kopie van) de topografische kaart en eventuele overige bewijsstukken, dient verzonden te worden aan de afdeling Teeltvoorschriften via mail teeltvoorschriften@nak.nl of per post. De NAK voert in opdracht van de NVWA toezicht uit op de vruchtwisselingsvoorschriften.

Ontheffingsmogelijkheden AM-beleid 2026

Ontheffing kan verleend worden voor de volgende situaties:

  1. Ruilverkaveling
  2. Herindeling
  3. Bijzondere situatie

1. Ruilverkaveling

In ruilverkavelingsgebieden kan veelal in de nieuwe situatie, bij het opzetten van een nieuw bouwplan, geen rekening worden gehouden met de oude perceelsindeling. Dit betekent dat bij de indeling van de aardappelteelt in het kader van de vruchtwisselingsvoorschriften niet altijd rekening kan worden gehouden met voorafgaande aardappelteelten.

De ontheffingsmogelijkheid biedt de gelegenheid om een goed bouwplan op te zetten na de toedeling van nieuwe percelen. Men komt alleen voor ontheffing in aanmerking als er sprake is van een definitieve toedeling van de percelen aan de nieuwe gebruiker/eigenaar.

Een ontheffingsaanvraag moet voorzien zijn van een bewijs van de ruilverkaveling waaruit blijkt wanneer en welke percelen definitief aan de nieuwe eigenaar zijn of worden toebedeeld en in gebruik genomen. Verder moet op een duidelijke schets de nieuwe indeling van de aardappelteelt worden aangegeven. Wegens ruilverkaveling wordt slechts éénmaal voor hetzelfde perceel ontheffing verleend.

Voor percelen welke tijdelijk in gebruik worden gegeven, wordt geen ontheffing verleend.

In overleg met de ruilverkavelingcommissie kan eventueel een collectieve ontheffing voor (een gedeelte van) het gebied gegeven worden.

2. Herindeling bedrijf

Hieronder wordt verstaan een wijziging in de percelen, waardoor een nieuw bouwplan opgesteld moet worden en waarbij niet altijd rekening kan worden gehouden met de voorgaande aardappelteelten.

De reden van wijziging van de perceelsindeling kan zijn:

  • Bedrijfsvergroting of –verkleining door bijvoorbeeld aan- of verkoop van grond
  • Overname van een bedrijf;
  • Wegenaanleg;
  • Dempen of aanleggen van sloten, kavelpaden e.d.

Ontheffingen wegens herindeling bedrijf kunnen worden gegeven voor een 1:1 of 1:2 teelt. Bij aanvragen van de ontheffing dient duidelijk vermeld te worden wat de reden van de herindeling is.

De ontheffingsaanvraag moet zijn voorzien van een duidelijke schets of kaart waarop is aangegeven:

  1. de situatie vóór de herindeling;
  2. de situatie na de herindeling.

Geen ontheffing wordt verleend als de aanvraag uitsluitend betrekking heeft op de herindeling van de aardappelteelt (bijvoorbeeld bij het overstappen van 1:4 naar 1:3 of het samenvoegen van verspreide aardappelteelt en andere gewassen tot een groter geheel).

Ingeval van bedrijfsvergroting door het huren van land, dient het te gaan om gebruik voor een langere termijn. Hiervan is sprake als er een door de Grondkamer goedgekeurd pachtcontract aanwezig is van minimaal 6 jaar. Als er sprake is van huren van zogenaamd los land, dus voor een kortere termijn, wordt geen ontheffing verleend. Stuur altijd een kopie van het pachtcontract of (ver-)koopcontract met de aanvraag mee.

3. Bijzondere situatie

Hieronder wordt o.a. verstaan:

  • Proefvelden waarvoor een 1:1 of 1:2 teelt noodzakelijk of nauwelijks te vermijden is, zulks ter beoordeling aan de NVWA;
  • Jonge of in te planten boomgaarden. Voor grond waarop in het najaar 2026 of voorjaar 2027 vruchtbomen worden ingeplant of voor een zich sluitende boomgaard is het mogelijk om éénmaal een aardappelteelt uit te oefenen in een nauwere vruchtwisseling middels deze ontheffing;
  • Onttrekking aan agrarisch gebruik. Een bewijs van onttrekking, afgegeven door een officiële instantie, dient met de aanvraag te worden meegezonden. Wegens onttrekking aan agrarisch gebruik wordt slechts één keer ontheffing verleend voor hetzelfde perceel, in principe voor het laatste jaar van agrarisch gebruik;
  • Aardappel als lokgewas. Ontheffing kan worden verkregen voor 1:1 en 1:2 teelt. Bij het voldoen aan de voorwaarden wordt toestemming gegeven om de teelt van consumptie-, zetmeel- en/of pootaardappelen in een minimale 1:3 rotatie te vervolgen. Hierdoor kan een aardappelteelt als lokgewas worden ingepast in elk rotatieschema. Als de teelt wordt toegepast op een door de NVWA AM besmet verklaard perceel en het lokgewas moet worden aangemerkt als een officiële bestrijdingsmaatregel, kan dit op het aanvraagformulier worden aangegeven. Een aparte aanvraag bij de NVWA is dan niet nodig. Van de NVWA ontvangt u informatie over de (aanvullende) voorwaarden die door de NVWA aan de teelt van lokgewas als officiële bestrijdingsmaatregel worden gesteld. Zie ook NVWA besmetverklaringen aardappelmoeheid.

Aan de ontheffing voor aardappelen als lokgewas wordt door de NVWA de voorwaarde gesteld dat het gebruikte pootgoed voorzien is van een certificaat of verklaring van goedkeuring van de NAK en het gewas tijdig (uiterlijk 40 dagen na poten) wordt vernietigd door een behandeling met glyfosaat (o.a. RoundUp). Hierop wordt intensief gecontroleerd.

Op het aanvraagformulier moet worden aangegeven of gekozen wordt voor de voorjaarstoepassing (einddatum 21 juni), zomertoepassing (einddatum 1 september) of tussenliggend. In het laatste geval wordt de beoogde poot- en einddatum gevraagd.

Het toepassen van glyfosaat op aardappelen als lokgewas is (nog) niet toegestaan. Om die reden wordt bij het verstrekken van een ontheffing voor een perceel zonder een officiële AM besmetverklaring van de NVWA, ook een aanwijzing van de directeur van de NPPO verstrekt waardoor in combinatie met de ontheffing het toepassen van glyfosaat wordt toegestaan.

Aardappel als lokgewas

Gebleken is dat de inzet van aardappel als lokgewas het aantal aardappelcystenaaltjes aanzienlijk (80-90%) kan reduceren. Hierbij is het belangrijk om zoveel mogelijk aaltjes te lokken en vermeerdering te voorkomen door het gewas op het juiste moment chemisch te doden. Voor een aanzienlijke reductie is het volgende van belang:

  • Poot in de laatste week van april of eerste helft van mei (voorjaarstoepassing), tussen 1 en 20 juli (zomertoepassing) of tussenliggend, bij voorkeur met een poot- en rijafstand van 30 cm (bedden of vlakvelds) en een pootdiepte van 5 cm. Dit is onder andere mogelijk met een uienplantmachine. Let op: als officiële bestrijdingsmaatregel wordt alleen teelt op bedden en vlakvelds geaccepteerd.
  • Gebruik voorgekiemd pootgoed, bij voorkeur van een (hoog-)resistent ras voor het in het perceel aanwezige AM-type. Let op: als officiële bestrijdingsmaatregel worden alleen hoog-resistente rassen geaccepteerd.
  • Vernietig het gewas uiterlijk 40 dagen na poten met glyfosaat. Let op: andere herbiciden zijn ongeschikt!
  • Bij de zomertoepassing (einddatum 1 september) lijkt 40 dagen iets aan de ruime kant. Bij een goede doorworteling kan het gewas enkele dagen eerder vernietigd worden.

Kopie kaart voor aanduiding ligging perceel

De ontheffingsaanvraag wordt alleen in behandeling genomen als er een duidelijke kaart is bijgevoegd.

Voor de nadere aanduiding van het perceel of perceelsgedeelte dient een kopie van een via de NVWA verkregen kaart, een kadastrale kaart, een via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) verkregen bedrijfskaart of kavelkaart meegezonden te worden waarop het perceel of perceelsgedeelte waarvoor ontheffing wordt aangevraagd voorkomt.

De kaart dient van zodanige omvang te zijn dat daarop één of meerdere vaste punten, zoals een huis of wegkruising, voorkomen zodat de ligging van het perceel duidelijk herkenbaar is. Het perceel of perceelsgedeelte waarvoor ontheffing wordt aangevraagd, dient door bijvoorbeeld omlijning of arcering te worden aangegeven, met vermelding van lengte en breedte.

Indien het perceel geen eigen nummer heeft, dient u het zelf een nummer te geven.

Wanneer gebruik gemaakt wordt van een kadastrale kaart, dient met een pijl de richting van het noorden te worden aangegeven.

Tot slot moet op de (kopie)kaart ook uw naam en adresgegevens vermeld zijn.

Kosten aanvragen ontheffing

Aan de behandeling van een aanvraag voor een ontheffing zijn kosten verbonden. Deze kosten bedragen € 322,25 (excl. BTW) per aanvraag (= per perceel(sgedeelte)). De aanvrager ontvangt vanuit de NAK separaat een factuur.

Gerelateerde berichten

Knolcyperus folder
Herkennen, Voorkomen en Bestrijden Wat is knolcyperus? Knolcyperus (Cyperus esculentus) is een plant...
Phytophthora Infestans folder
Wat is Phytophthora? Phytophthora infestans, vaak kortweg Phytophthora genoemd, staat ook bekend als...
Toelichting bij aanvraagformulier ontheffing snijmaïsteelt
Inleiding Met ingang van 2009 wordt de mogelijkheid geboden om snijmaïs te telen op een perceel(sged...

Openingstijden feestdagen

Nieuwjaarsdag
Gesloten
Goede Vrijdag
Gesloten
1e paasdag
Gesloten
2e Paasdag
Gesloten
Koningsdag
Gesloten
Bevrijdingsdag
Gesloten
Hemelvaartsdag
Gesloten
1e pinksterdag
Gesloten
2e pinksterdag
Gesloten
1e kerstdag
Gesloten
2e kerstdag
Gesloten