31974D0531
74/531/EEG: Beschikking van de Commissie van 16 oktober 1974 houdende machtiging voor het Koninkrijk der Nederlanden om strengere maatregelen te nemen met betrekking tot de aanwezigheid van Avena fatua in zaaigranen
(Slechts de tekst in de Nederlandse taal is authentiek)
Publicatieblad Nr. L 299 van 07/11/1974 blz. 0013 – 0013
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE
van 16 oktober 1974
houdende machtiging voor het Koninkrijk der Nederlanden om strengere maatregelen te nemen met betrekking tot de aanwezigheid van Avena fatua in zaaigranen
( 74/531/EEG )
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op de richtlijn van de Raad van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van zaaigranen ( 1 ), laatstelijk gewijzigd bij de richtlijn van de Raad van 11 december 1973 ( 2 ), inzonderheid op artikel 14 , lid 1 bis,
Gezien het door het Koninkrijk der Nederlanden ingediende verzoek,
Overwegende dat in de genoemde richtlijn toleranties zijn vastgesteld met betrekking tot de aanwezigheid van Avena fatua in zaaigranen;
Overwegende dat hierin evenwel is bepaald dat de Lid-Staten strengere eisen kunnen stellen voor het in hun land geproduceerde zaaizaad;
Overwegende dat het Koninkrijk der Nederlanden van deze mogelijkheid gebruik maakt;
Overwegende dat bovendien in de betrokken Lid-Staat een campagne voor de uitroeiing van Avena fatua wordt gevoerd;
Overwegende dat de Lid-Staat die het verzoek heeft ingediend bijgevolg moet worden gemachtigd om ook voor het in de handel brengen van zaaizaad uit andere Lid-Staten strengere eisen te stellen;
Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Comité voor teeltmateriaal voor land – , tuin – en bosbouw,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN :
Artikel 1
Het Koninkrijk der Nederlanden wordt gemachtigd voor te schrijven dat op zijn grondgebied zaaigranen alleen tot de handel mogen worden toegelaten wanneer er een officieel certificaat is bijgevoegd dat overeenkomstig artikel 11 van de richtlijn betreffende het in de handel brengen van zaaigranen is afgegeven.
Artikel 2
Het Koninkrijk der Nederlanden deelt aan de Commissie mede vanaf welke datum en op welke wijze het gebruik zal maken van de in het artikel 1 verleende machtiging . De Commissie stelt de andere Lid-Staten daarvan in kennis.
Artikel 3
Deze beschikking is gericht tot het Koninkrijk der Nederlanden.
Gedaan te Brussel, 16 oktober 1974.
Voor de Commissie
De Voorzitter
François-Xavier ORTOLI
( 1 ) PB nr . 125 van 11 . 7 . 1966 , blz . 2309/66 .
( 2 ) PB nr . L 356 van 27 . 12 . 1973 , blz . 79 .