Het laboratorium kan de aardappelknollen onderzoeken op de aanwezigheid van:

  • Pectobacterium atrosepticum (Pa)
  • Dickeya spp.(Dic)
  • Pectobacterium parmentieri (Pp)
  • Pectobacterium brasiliense (Pb)

Het onderzoek op deze bacteriën wordt het Erwinia onderzoek genoemd.

Het Erwinia-onderzoek kan aanvullend op het virusonderzoek aan het nacontrolemonster worden aangevraagd. Het onderzoek is vóór de bemonstering aan te vragen in het Klantportaal. Een apart onderzoek op Erwinia is ook mogelijk, hiervoor dient u zelf een monster aan te leveren.

Erwinia

Toelichting

Testmethode en monstermateriaal PCR, aardappelknollen
Doorlooptijd na ontvangst ≤ 3 weken (bij spoed ≤ 2 weken)
Verpakking

Zak afsluiten met een normale ty-rap.

Netzak Bij een combinatietest met M. chitwoodi/fallax en/of bruin- /ringrot moet het monster in een polypropzak worden aangeleverd.
Monstergrootte en samenvoeging 5 opties per monster:
* 200 knollen, 4 reacties (4 x 50 kn)
* 200 knollen, 10 reacties (10 x 20 kn)
* 100 knollen, 10 reacties (10 x 10 kn)
* 50 knollen, 1 reactie (1 x 50 kn)
* 20 knollen, 1 reactie (1 x 20 kn)
Toelichting (bijv. 4×50): U levert 200 knollen in, het laboratorium verdeeld dit in 4 submonsters van 50 knollen. Elk submonster geeft een reactie, die wel of niet positief (‘ziek’) kan reageren.

Staat het door u gewenste onderzoek er niet bij of wilt u een offerte? Neem dan contact met ons op.
De NAK neemt geen monsters van genetisch gemodificeerd materiaal in behandeling.

Voor het ziektepercentage en de spreiding kunt u gebruikmaken van onderstaand document:

Het aanvraagformulier voor bemonsteringslabels vindt u hier.